
Recensie
Apple TV+-serie 'The Studio': chaos loopt uit op chaos
Aansprekende komedie over een noodlijdende filmstudio weet het niveau niet vast te houden.
Regie: Evan Goldberg, Seth Rogen | Cast: Seth Rogen (Matt Remick), Catherine O'Hara (Patty), Ike Barinholtz (Sal Seperstein), Chase Sui Wonders (Quinn), Kathryn Hahn (Maya), Bryan Cranston (Griffin Mill), e.a. | Afleveringen: 10 | Speelduur: 24-45 minuten | Jaar: 2025
Films en series die draaien om een specifiek wereldje staan of vallen misschien wel meer dan andere soorten films en series bij de uitvoering. De kijker moet namelijk worden meegenomen in de specifieke, vaak onbekende setting. Het wordt echter ingewikkeld wanneer de makers zelf uit dat wereldje komen en dus onmogelijk zonder vooroordelen dat vakgebied of habitat kunnen verbeelden. In dat licht is het tiendelige The Studio een bijzonder experiment.
Deze serie werd bedacht, geschreven en geregisseerd door Seth Rogen en Evan Goldberg, de Canadese jeugdvrienden die al jaren samen actief zijn in de filmindustrie. Ze kennen het klappen van de zweep in het veeleisende en vaak kortzichtige Hollywood dus maar al te goed. Die kennis vormt de basis van de serie en het imposante netwerk van Rogen en Goldberg de kers op de taart. Er komen namelijk nogal wat bekende koppen voorbij.
Te beginnen met nestor Martin Scorsese in de eerste aflevering. Net zoals veel andere bijrolvertolkers speelt de filmmaker zichzelf wanneer het fictieve Continental Studios hem probeert te strikken voor The Kool-Aid Movie. Het idee dat de maker van Taxi Driver en The Departed zich zou storten op een familiefilm over de mascottes van een limonademerk is tamelijk absurd.
Het tot stand komen van de film is een van de rode draden in deze uit de losse pols gefilmde komedie. Centraal staat Rogens personage, dat als voormalige onderknuppel zijn droom ziet uitkomen om Continental Studios te leiden. Nadat de vorige baas aan de kant is gezet vindt men in Matt Remick een plooibare en niet al te getalenteerde studiobaas. Hij is weliswaar ambitieus maar vindt het lastig hoofd- en bijzaken van elkaar te scheiden. Hij wil zich dus met de kleinste details bemoeien.
Zo weet hij de opnames van de nieuwe film van Sarah Polley keer op keer te verknallen, krijgt acteur Zac Efron krijgt voor een rol een wel heel bijzondere opdracht en is het nieuwe project van Ron Howard een Oscarwaardig meesterwerk, mits hij de door persoonlijke motieven ingekleurde slotakte wil droppen. Het zijn vermakelijke taferelen omdat de acteurs en regisseurs die als zichzelf komen opdraven allemaal hun persoonlijkheden mogen uitvergroten.
Rogen en Goldberg tonen zich minder sterk in het uitwerken van plotlijnen die enkele afleveringen beslaan. Kool-Aid is al een tamelijk bespottelijk onderwerp voor een speelfilm en dan helpt het niet dat dit project zich tot aan de laatste aflevering voortsleept. Het is bovendien dé film die het noodlijdende Continental uit het slop moet trekken.
The Studio is met een enkele handheldcamera gefilmd en maakt gebruik van lange shots. Zodra de misselijkheid die dit camerawerk oproept enigszins is weggetrokken toont de losse aanpak zijn meerwaarde. Magistraal is het droneshot waarmee de vijfde aflevering opent: de camera zweeft van personage naar personage, duikt vervolgens omhoog om als een havik hoog boven het studiocomplex te zweven en zoomt tot slot in op de ambitieuze productieassistent Quinn, die deze aflevering haar ware aard laat zien.
Wat betreft hectiek, situationele humor en neurotische dialogen sluit The Studio aan op series als Curb Your Enthusiasm, Extras en The Office. Voor de locatie van het productiebedrijf wordt gebruikgemaakt van een indrukwekkend pand van Frank Lloyd Wright, de vermaarde architect die enkele gebouwen ontwierp die geïnspireerd waren op de Mayacultuur. Daardoor echoën ook de gouden jaren van Hollywood.
Met serieuze thematiek blijken Rogen en Goldberg minder goed uit de voeten te kunnen. Zo schiet een aflevering over racisme en de misplaatste politieke correctheid ervan haar doel voorbij. Nog lastiger hebben de heren het met de laatste twee afleveringen, die nauw met elkaar verbonden zijn. Door toedoen van alcohol en drugs monden deze slotstukken uit in chaotische schreeuwpartijen en een afsluitende scène die elke vorm van originaliteit en creativiteit ontbeert.
Dit laat niet onverlet dat The Studio een vermakelijk inkijkje biedt in een giftige wereld waarin iedereen over elkaar heen klautert, elkaar nodig heeft en vervolgens weer elkaar de grond intrapt. Het is alleen jammer dat Rogen en Goldberg de kwaliteit van de eerste vijf afleveringen niet tot het einde weten vast te houden.
Films en series die draaien om een specifiek wereldje staan of vallen misschien wel meer dan andere soorten films en series bij de uitvoering. De kijker moet namelijk worden meegenomen in de specifieke, vaak onbekende setting. Het wordt echter ingewikkeld wanneer de makers zelf uit dat wereldje komen en dus onmogelijk zonder vooroordelen dat vakgebied of habitat kunnen verbeelden. In dat licht is het tiendelige The Studio een bijzonder experiment.
Deze serie werd bedacht, geschreven en geregisseerd door Seth Rogen en Evan Goldberg, de Canadese jeugdvrienden die al jaren samen actief zijn in de filmindustrie. Ze kennen het klappen van de zweep in het veeleisende en vaak kortzichtige Hollywood dus maar al te goed. Die kennis vormt de basis van de serie en het imposante netwerk van Rogen en Goldberg de kers op de taart. Er komen namelijk nogal wat bekende koppen voorbij.
Te beginnen met nestor Martin Scorsese in de eerste aflevering. Net zoals veel andere bijrolvertolkers speelt de filmmaker zichzelf wanneer het fictieve Continental Studios hem probeert te strikken voor The Kool-Aid Movie. Het idee dat de maker van Taxi Driver en The Departed zich zou storten op een familiefilm over de mascottes van een limonademerk is tamelijk absurd.
Het tot stand komen van de film is een van de rode draden in deze uit de losse pols gefilmde komedie. Centraal staat Rogens personage, dat als voormalige onderknuppel zijn droom ziet uitkomen om Continental Studios te leiden. Nadat de vorige baas aan de kant is gezet vindt men in Matt Remick een plooibare en niet al te getalenteerde studiobaas. Hij is weliswaar ambitieus maar vindt het lastig hoofd- en bijzaken van elkaar te scheiden. Hij wil zich dus met de kleinste details bemoeien.
Gerelateerd nieuws
Zo weet hij de opnames van de nieuwe film van Sarah Polley keer op keer te verknallen, krijgt acteur Zac Efron krijgt voor een rol een wel heel bijzondere opdracht en is het nieuwe project van Ron Howard een Oscarwaardig meesterwerk, mits hij de door persoonlijke motieven ingekleurde slotakte wil droppen. Het zijn vermakelijke taferelen omdat de acteurs en regisseurs die als zichzelf komen opdraven allemaal hun persoonlijkheden mogen uitvergroten.
Rogen en Goldberg tonen zich minder sterk in het uitwerken van plotlijnen die enkele afleveringen beslaan. Kool-Aid is al een tamelijk bespottelijk onderwerp voor een speelfilm en dan helpt het niet dat dit project zich tot aan de laatste aflevering voortsleept. Het is bovendien dé film die het noodlijdende Continental uit het slop moet trekken.
The Studio is met een enkele handheldcamera gefilmd en maakt gebruik van lange shots. Zodra de misselijkheid die dit camerawerk oproept enigszins is weggetrokken toont de losse aanpak zijn meerwaarde. Magistraal is het droneshot waarmee de vijfde aflevering opent: de camera zweeft van personage naar personage, duikt vervolgens omhoog om als een havik hoog boven het studiocomplex te zweven en zoomt tot slot in op de ambitieuze productieassistent Quinn, die deze aflevering haar ware aard laat zien.
Wat betreft hectiek, situationele humor en neurotische dialogen sluit The Studio aan op series als Curb Your Enthusiasm, Extras en The Office. Voor de locatie van het productiebedrijf wordt gebruikgemaakt van een indrukwekkend pand van Frank Lloyd Wright, de vermaarde architect die enkele gebouwen ontwierp die geïnspireerd waren op de Mayacultuur. Daardoor echoën ook de gouden jaren van Hollywood.
Met serieuze thematiek blijken Rogen en Goldberg minder goed uit de voeten te kunnen. Zo schiet een aflevering over racisme en de misplaatste politieke correctheid ervan haar doel voorbij. Nog lastiger hebben de heren het met de laatste twee afleveringen, die nauw met elkaar verbonden zijn. Door toedoen van alcohol en drugs monden deze slotstukken uit in chaotische schreeuwpartijen en een afsluitende scène die elke vorm van originaliteit en creativiteit ontbeert.
Dit laat niet onverlet dat The Studio een vermakelijk inkijkje biedt in een giftige wereld waarin iedereen over elkaar heen klautert, elkaar nodig heeft en vervolgens weer elkaar de grond intrapt. Het is alleen jammer dat Rogen en Goldberg de kwaliteit van de eerste vijf afleveringen niet tot het einde weten vast te houden.